Een voor een stijgen en dalen de vliegtuigen op Narita Airport. Vanuit mijn hotelkamer raam kijk ik uit op de locatie waar ruim 4 maanden geleden mijn reis begon. Niet geheel zeker over wat ik kon verwachten van Japan begon ik aan mijn stage. Inmiddels heb ik kennisgemaakt met een van de meest diverse landen ter wereld. Van de ontspannen parken en boeddhistische tempels tot ultra-hyper j-pop wereld Akihabara. Van zakenmannen strak in het pak tot schoolmeisjes met bijbehorende uniformen, allemaal samengedrukt in de drukke Japanse treinen. Het land waar een zelfverklaard vishater, octopus heeft leren eten, uiteraard met stokjes! Een plek waar respect voor ouderen hoog in het vaandel staat, maar tegelijk een rem op de groei van het conservatieve land zet. Een land dat eigenlijk iedereen gezien moet hebben, al is het maar om aan te tonen dat er niet slechts bizarre ideeën en voorwerpen vandaan komen.
Maar na 4 maanden komt er een eind aan dit mooie avontuur. Met pijn in het hart neem ik afscheid van de vele vrienden die ik hier gemaakt heb. Ik ga de lunchgesprekken waarbij culturele verschillen werden besproken, en natuurlijk de vele feestjes, erg missen.
Een ding weet ik zeker, ooit zal ik weer terugkeren naar het land van de reizende zon.
Sayonara Japan!
Konnichiwa, Wouter desu ^.^ Ik studeer medical biotechnology aan Wageningen University en specialiseer mij vooral in virussen en het maken van vaccins. Op dit blog beschrijf ik de gekke, rare en bijzondere dingen die ik beleef op mijn stage in Tokyo, Japan.
zondag 3 augustus 2014
maandag 21 juli 2014
Attracties, illusies en vreemd eten in Odaiba
Aangezien het bezoek aan Asakusa met Yuka & Yukie goed was bevallen duurde het vanzelfsprekend niet lang voordat er een nieuwe trip op het programma stond. Dit keer gingen we samen met 2 andere studenten die in ons instituut werken (Syo & Takumi) naar Odaiba, met als hoofdattractie: Joypolis. Joypolis is een amusementspark met attracties en arcadespellen gebaseerd op series van computerspellenmaker Sega.
Ondanks dat we rond openingstijd bij het park aankwamen moesten we een behoorlijke tijd in de rij staan voordat we naar binnen konden. Gelukkig hadden we op het station al voordeelkaartjes gekocht waardoor we in ieder geval niet ook nog eens daarvoor in de rij hoefden te staan. Eenmaal binnen besloten we eerst in een attractie genaamd 'Veil of Dark' te gaan. In deze attractie, die een combinatie van een schietspel en een achtbaan was, werd het pad van het wagentje op weg naar boven onderbroken door schermen waarop hordes met zombies en andere monsters aangestormd kwamen. Pas als de monsters dood waren kon het karretje zijn weg naar boven vervolgen. Eenmaal boven stortte het karretje kantelend en draaiend door verschillende loopings naar beneden. Een erg leuke attractie om mee te beginnen.
De volgende attractie waar we ingingen heette 'Storm G' en was een soort bobslee simulatie. Het was de bedoeling om met behulp van twee joysticks de futuristische slee zo soepel mogelijk door de virtuele baan naar beneden te sturen. Op speciale stukken kon je door op een knop te drukken, een kurkentrekker beweging maken (het is dan ook niet aan te raden in deze attractie te gaan als je net gegeten hebt). Yuka en ik brachten het er goed vanaf, mede doordat ik ons vlak voor de finish over een 'boost' stuurde waardoor we op het nippertje de nummer 1 inhaalden om zelf als eerste te finishen.
Na deze twee thrill-rides was het tijd voor een iets 'rustigere' attractie. We kozen voor 'Psycho-Pass The Shooting', een schietbaan gebaseerd op de dystopische anime Psycho-Pass (overigens een echte aanrader). Hoewel het oefen-schieten vlekkeloos ging (ik had al mijn 3 doelen binnen enkele seconden neer), werd ik bij de echte schietbaan al gauw neergeschoten, waardoor ik gedwongen enkele minuten slechts kon wachten tot alle andere deelnemers ook af waren. Ondanks de coole setting, een beetje zonde van de tijd.
De laatste attractie waar we voor de lunch ingingen heette 'Halfpipe Tokyo' en was precies wat de naam doet vermoeden. We stonden met zijn tweeën op een soort skatebord. Op het moment dat het bord in het midden van de halfpipe was moesten we op een knop stappen. Hoe beter we dit timeden, hoe meer rondjes het bord begon te draaien. De winnaar was de degene die het meeste rondjes wist te draaien binnen een minuut. Hoewel we geen bijzonder hoge scoren hadden, waren Takumi en ik, met 15 rondjes toch de winnaars.
Als lunch namen we een typisch Japans gerecht genaamd 'Takoyaki'. Takoyaki zijn balletjes gemaakt van tarwebeslag en gevuld met inktvis, gebakken in een soort poffertjespan. Hoewel voor mijn Japanse tijd alleen het woord inktvis al genoeg zou zijn geweest om het gerecht niet eten, schrik ik inmiddels niet meer terug van dit soort 'vreemde' gerechten. En maar goed ook, want het was weer heerlijk!
Na de lunch besloten we om 'Decks Tokyo Beach' verder te verkennen. Dit warenhuis onderscheidde zich van de andere door het stijltje waarin het was uitgewerkt. De smalle gangetjes met sfeerverlichting en houten kraampjes deden het lijken alsof je door het carnavaleske Tokyo van de jaren '80 liep. Compleet met snoepkraampjes, bankjes, muziek en een schiettent. In dit winkelcentrum hadden ze ook een leuke toevoeging in de toiletten. Boven de urinoirs hing een schermpje met daarop een soort 'Manneke Pis'. Wanneer je begon te plassen, deed het standbeeldje dat ook, maar dan in een glas. Onder dit glas stond je volume vermeld. Op deze manier word zelfs plassen een high-score game. Na het winkelcentrum wandelde we in de stralende zon langs de kust van Odaiba richting DiverCity Tokyo Plaza. In dit winkelcentrum bekend van de gigantische Gundam replica die ervoor staat, besloten we even af te koelen met een koffie.
Eenmaal bijgekomen van de wandeling gingen we op weg naar het Tokyo Trick Art Museum. In dit museum zijn de levensgrote muurschilderingen zo geschilderd dat ze optisch illusies vormen. Door op een slimme manier voor deze schilderijen te poseren krijg je erg leuke illusies. Hier enkele voorbeelden:
Na deze fotosessie in het museum keerden we weer terug naar Joypolis, waar de wachtrijen voor de attracties inmiddels verdubbeld waren. We konden echter nog twee attracties vinden waar we redelijk snel in konden. De eerste 'The House of the Dead 4' is een bekende Sega arcadegame waarbij zoveel mogelijk zombies neer moeten worden geschoten voordat de speler afgaat. De tweede attractie was van een heel ander kaliber. 'Wild Wing' was een simulatie van een ietwat uit de hand gelopen hangglider vlucht.
Inmiddels was het al 7 uur geweest dus gingen we op zoek naar een plek om te dineren. In het gigantische Aquacity winkelcentrum viel onze keus op Italiaans. Dus in hartje Tokyo at ik met eetstokjes Spaghetti Napolitana.
Na het diner wandelden we nog wat over de promenade waar we genoten van het nachtelijk uitzicht op Odaiba en Tokyo, terwijl de hemel af en toe verlicht werd door een in de verte liggend onweer. Een mooie afsluiting van een erg gezellig dag.
Ondanks dat we rond openingstijd bij het park aankwamen moesten we een behoorlijke tijd in de rij staan voordat we naar binnen konden. Gelukkig hadden we op het station al voordeelkaartjes gekocht waardoor we in ieder geval niet ook nog eens daarvoor in de rij hoefden te staan. Eenmaal binnen besloten we eerst in een attractie genaamd 'Veil of Dark' te gaan. In deze attractie, die een combinatie van een schietspel en een achtbaan was, werd het pad van het wagentje op weg naar boven onderbroken door schermen waarop hordes met zombies en andere monsters aangestormd kwamen. Pas als de monsters dood waren kon het karretje zijn weg naar boven vervolgen. Eenmaal boven stortte het karretje kantelend en draaiend door verschillende loopings naar beneden. Een erg leuke attractie om mee te beginnen.
![]() |
| Veil of Dark (foto: http://tokyo-joypolis.com) |
![]() |
| Storm G (foto: http://tokyo-joypolis.com) |
De laatste attractie waar we voor de lunch ingingen heette 'Halfpipe Tokyo' en was precies wat de naam doet vermoeden. We stonden met zijn tweeën op een soort skatebord. Op het moment dat het bord in het midden van de halfpipe was moesten we op een knop stappen. Hoe beter we dit timeden, hoe meer rondjes het bord begon te draaien. De winnaar was de degene die het meeste rondjes wist te draaien binnen een minuut. Hoewel we geen bijzonder hoge scoren hadden, waren Takumi en ik, met 15 rondjes toch de winnaars.
![]() |
| Halfpipe Tokyo ((foto: http://tokyo-joypolis.com) |
![]() |
| Takoyaki met v.l.n.r. Syo, Takumi, ik & Yuka. |
![]() |
| Mini-replica van het Vrijheidsbeeld. |
![]() |
| Gundam replica. |
Na deze fotosessie in het museum keerden we weer terug naar Joypolis, waar de wachtrijen voor de attracties inmiddels verdubbeld waren. We konden echter nog twee attracties vinden waar we redelijk snel in konden. De eerste 'The House of the Dead 4' is een bekende Sega arcadegame waarbij zoveel mogelijk zombies neer moeten worden geschoten voordat de speler afgaat. De tweede attractie was van een heel ander kaliber. 'Wild Wing' was een simulatie van een ietwat uit de hand gelopen hangglider vlucht.
Inmiddels was het al 7 uur geweest dus gingen we op zoek naar een plek om te dineren. In het gigantische Aquacity winkelcentrum viel onze keus op Italiaans. Dus in hartje Tokyo at ik met eetstokjes Spaghetti Napolitana.
Na het diner wandelden we nog wat over de promenade waar we genoten van het nachtelijk uitzicht op Odaiba en Tokyo, terwijl de hemel af en toe verlicht werd door een in de verte liggend onweer. Een mooie afsluiting van een erg gezellig dag.
![]() |
| Het Daikanransha reuzenrad. |
![]() |
| Uitzicht op Tokyo en de Rainbow Bridge. |
zaterdag 12 juli 2014
Cruisin' 'n' Boozin'
Woensdag 9 Juli, de dag dat Oranje de halve finale tegen Argentinië speelde, was het tijd voor weer een virologen-uitje. Samen met een aantal collega's vertrokken we bij ons instituut met de metro richting het zuiden van Tokyo. Ondanks de naderende super tyfoon 'Neoguri' gingen we namelijk dineren op een 'yakatabune', oftewel een Japanse huisboot. De huisboten, zo genoemd vanwege de inrichting met tatami matten en lage tafels, werden tijdens het Edo tijdperk door de adel gebruikt om gasten te vermaken.
Eenmaal in de boot namen we in kleermakerszit plaats bij de tafels. In het midden van de tafel bevond zich een soort van grillplaat. Het was dus duidelijk dat we zelf ons eten zouden gaan bereiden. Gelukkig lagen er protocollen op de tafels over hoe het eten bereid moest worden, want ondanks dat het een typisch Japanse (en meer specifiek Tokyose) gebeurtenis is, had geen van mijn collega's ervaring met dit type eten.
We vertrokken uit de haven en dus was het tijd voor het maken van het eerste typisch Tokyose gerecht; monjayaki, of kort 'monja'. Om te beginnen worden de groenten, waaronder kool, en het vlees op de grillplaat gelegd en in fijne stukjes gehakt. Vervolgens wordt van de groenten een cirkel gemaakt waar het vlees middenin word gelegd. Hier overheen wordt dan het beslag gegoten dat vervolgens, nadat het net niet meer vloeibaar is, gemixt wordt met de groenten. Dit resulteert in een soort van semi-vloeibare pannenkoek waarvan je met je eigen kleine spateltje steeds stukjes op je bordje legt. De smaak van het gerecht laat zich moeilijk omschrijven maar was erg lekker.
Na de 'monja' kregen we het gerecht waar 'monja' van afgeleid is: okonomiyaki. Dit gerecht dat ook wel bekent staat als 'Osaka soul food' lijkt erg op monja, maar is veel minder vloeibaar en lijkt in dat opzicht dus meer op een Nederlandse pannenkoek. Van alle gerechten die ik deze avond zou eten was dit mijn favoriet.
Terwijl we genoten van het eten en de bijbehorende drankjes voer onze boot langs de skyline van Odaiba en Minato. Zo hadden we een mooi uitzicht op bekende gebouwen waaronder het Daikanransha reuzenrad, een mini replica van het Vrijheidsbeeld (van beide heb ik helaas geen foto's), het Fuji Television hoofdkantoor en de Rainbow Bridge. Ook had een kantoorgebouw zijn ruimtes zo verlicht en verduisterd dat er NED vs ARG gespeld stond (op dit moment was ik er nog van overtuigd dat we zouden gaan winnen).
Voordat we weer aanmeerden bij de haven aten we nog twee andere gerechten waarvan ik helaas de namen vergeten ben. Één gerecht bestond uit noedels en het andere bestond uit gefrituurde rijst met garnalen. Beide gerechten smaakten ook erg goed. Volgegeten keerden we weer terug in de haven. Van de op handen zijnde tyfoon hadden we niks gemerkt.
![]() |
| Yakatabune, ook wel bekend als huisboot |
We vertrokken uit de haven en dus was het tijd voor het maken van het eerste typisch Tokyose gerecht; monjayaki, of kort 'monja'. Om te beginnen worden de groenten, waaronder kool, en het vlees op de grillplaat gelegd en in fijne stukjes gehakt. Vervolgens wordt van de groenten een cirkel gemaakt waar het vlees middenin word gelegd. Hier overheen wordt dan het beslag gegoten dat vervolgens, nadat het net niet meer vloeibaar is, gemixt wordt met de groenten. Dit resulteert in een soort van semi-vloeibare pannenkoek waarvan je met je eigen kleine spateltje steeds stukjes op je bordje legt. De smaak van het gerecht laat zich moeilijk omschrijven maar was erg lekker.
![]() |
| Stap 1 hak de groenten fijn. |
![]() |
| Stap 2 plaats de groenten in een cirkel en voeg het beslag toe. |
![]() |
| Stap 3 mix het beslag me de groenten en het vlees. Bon appetit! |
![]() |
| Okonomiyaki |
![]() |
| Okonomiyaki inclusief toppings. |
![]() |
| Fuji Television hoofdkantoor |
![]() |
| Rainbow Bridge |
![]() |
| Skyline van Minato. Rechts: NED vs ARG Links is het puntje van Tokyo Tower zichtbaar. |
![]() |
| Noedels |
![]() |
| Rijst met garnalen |
zaterdag 5 juli 2014
WK ervaring in Japan
Met slechts enkele uren te gaan tot de kwartfinale wedstrijd Nederland - Costa Rica leek het me leuk wat te vertellen over hoe het WK in Japan leeft.
Net als in Nederland begonnen er al enkele weken voor het WK reclames met voetballers te verschijnen. Vooral Keisuke Honda, oud-speler van VVV-Venlo, speelde in reclames voor onder andere sportdrank, bier en fotocamera's. Het aantal reclames in vergelijking tot Nederland is echter een stuk minder en speelt minder in op het 'wij' gevoel zoals we dat in Nederland hebben. VVV-Venlo is trouwens een bekende club in Japan omdat ze verschillende bekende Japanse spelers hebben opgeleid. Naast Keisuke Honda onder meer Maya Yoshida en op het moment Yuki Otsu. Maar terug naar het WK. Aangezien we hier aan de andere kant van de wereld zitten in vergelijking met Brazilië betekend dit dat alle wedstrijden 's nachts gespeeld worden. Het gevolg is dus dat ik mijn wekker om 1 of 3 uur moet zetten om de wedstrijden te bekijken. Het vervelendste is daarbij dat ik niet hardop mijn ongenoegen kan uiten over een falende scheidsrechter of irritante tegenstander. Een woeste vuistslag in mijn hoofdkussen is de enige optie die overblijft.
Na de overwinningen op Spanje en Australië kreeg ik de behoefte om toch mijn oranje roots te laten zien, dus ging ik op zoek naar een oranje shirt in Tokyo. Helaas kon ik alleen het, veel te dure, officiële shirt vinden. Gelukkig schoot het thuisfront te hulp, en enkele dagen later plofte een grote envelop, met oranje shirt, in mijn brievenbus. Elke keer als Oranje speelt draag ik mijn shirt naar werk. Dit levert in de trein en metro elke keer weer verbaasde gezichten op van de medereizigers. Aan het gefluister van het woord 'Oranda', wat Japans is voor Nederland, lijken ze wel door te hebben waarom ik het shirt aanheb.
Om ook de Japanners te supporten kocht ik voor hun tweede groepswedstrijd tegen Colombia (het zag er toen al niet goed uit) een 'Blue Samurai' sjaal. Ik wist dat de Japanners niet zo fanatiek in blauw zijn gehuld als de Nederlanders in oranje, maar aangezien ik op tv toch behoorlijk veel mensen in voetbalshirts had gezien verwachtte ik veel supporters te treffen in de trein. Echter niets van dit alles. Tijdens de 1 uur durende reis van mijn huis naar mijn werk, op de drukste treinlijn van Tokyo, kwam ik geen één ander persoon tegen die een sjaal, shirt of iets dergelijks droeg. Mijn collega's legde mij uit dat Japanse fans alleen shirts en sjaals dragen in de cafés of stadions waar ze kijken. Het feit dat ik wel de 'Blue Samurai' sjaal droeg kon daarom wel op veel sympathie rekenen.
Na de groepsfase viel het doek voor Japan, dat roemloos als laatste in hun groep eindigde. Mijn collega's zijn daarom maar wat blij dat ze nu als excuus voor Nederland kunnen zijn. Vooral mijn supervisor is een groot fan en vind de Hollanders "very strong". Veel lunchgesprekken gaan daarom over mijn inzichten in het huidige team (alsof ik daar zoveel verstand van heb :p ) waarbij het uitspreken van de spelersnamen nog de het grootste probleem vormt. Laten we hopen dat ik maandag weer trots kan melden dat we een ronde verder zijn.
Net als in Nederland begonnen er al enkele weken voor het WK reclames met voetballers te verschijnen. Vooral Keisuke Honda, oud-speler van VVV-Venlo, speelde in reclames voor onder andere sportdrank, bier en fotocamera's. Het aantal reclames in vergelijking tot Nederland is echter een stuk minder en speelt minder in op het 'wij' gevoel zoals we dat in Nederland hebben. VVV-Venlo is trouwens een bekende club in Japan omdat ze verschillende bekende Japanse spelers hebben opgeleid. Naast Keisuke Honda onder meer Maya Yoshida en op het moment Yuki Otsu. Maar terug naar het WK. Aangezien we hier aan de andere kant van de wereld zitten in vergelijking met Brazilië betekend dit dat alle wedstrijden 's nachts gespeeld worden. Het gevolg is dus dat ik mijn wekker om 1 of 3 uur moet zetten om de wedstrijden te bekijken. Het vervelendste is daarbij dat ik niet hardop mijn ongenoegen kan uiten over een falende scheidsrechter of irritante tegenstander. Een woeste vuistslag in mijn hoofdkussen is de enige optie die overblijft.
Na de overwinningen op Spanje en Australië kreeg ik de behoefte om toch mijn oranje roots te laten zien, dus ging ik op zoek naar een oranje shirt in Tokyo. Helaas kon ik alleen het, veel te dure, officiële shirt vinden. Gelukkig schoot het thuisfront te hulp, en enkele dagen later plofte een grote envelop, met oranje shirt, in mijn brievenbus. Elke keer als Oranje speelt draag ik mijn shirt naar werk. Dit levert in de trein en metro elke keer weer verbaasde gezichten op van de medereizigers. Aan het gefluister van het woord 'Oranda', wat Japans is voor Nederland, lijken ze wel door te hebben waarom ik het shirt aanheb.
Om ook de Japanners te supporten kocht ik voor hun tweede groepswedstrijd tegen Colombia (het zag er toen al niet goed uit) een 'Blue Samurai' sjaal. Ik wist dat de Japanners niet zo fanatiek in blauw zijn gehuld als de Nederlanders in oranje, maar aangezien ik op tv toch behoorlijk veel mensen in voetbalshirts had gezien verwachtte ik veel supporters te treffen in de trein. Echter niets van dit alles. Tijdens de 1 uur durende reis van mijn huis naar mijn werk, op de drukste treinlijn van Tokyo, kwam ik geen één ander persoon tegen die een sjaal, shirt of iets dergelijks droeg. Mijn collega's legde mij uit dat Japanse fans alleen shirts en sjaals dragen in de cafés of stadions waar ze kijken. Het feit dat ik wel de 'Blue Samurai' sjaal droeg kon daarom wel op veel sympathie rekenen.
Na de groepsfase viel het doek voor Japan, dat roemloos als laatste in hun groep eindigde. Mijn collega's zijn daarom maar wat blij dat ze nu als excuus voor Nederland kunnen zijn. Vooral mijn supervisor is een groot fan en vind de Hollanders "very strong". Veel lunchgesprekken gaan daarom over mijn inzichten in het huidige team (alsof ik daar zoveel verstand van heb :p ) waarbij het uitspreken van de spelersnamen nog de het grootste probleem vormt. Laten we hopen dat ik maandag weer trots kan melden dat we een ronde verder zijn.
zondag 22 juni 2014
Asakusa en de Skytree
Voor de verandering ging ik vandaag niet alleen op pad, maar werd ik begeleid door twee lieftallige Japanse dames. De studente Yuka, PhD-er Yukie en ik hadden afgesproken voor ons instituut, het NIID. Vanaf hier vertrokken we in de regen via de metro naar Asakusa. Ons doel in Asakusa was, waarschijnlijk één van de bekendste boeddhistische tempels in Tokyo, Sensō-ji. Ondanks de regen was het een drukte van belang voor de kaminarimon (donderpoort) die toegang tot het tempelcomplex verschaft.
Eenmaal door de poort kwamen we op de hoofdweg richting de tempel. Aan weerszijden van deze weg stonden kraampjes die van alles en nog wat verkochten. Er waren typische toeristenwinkeltjes met sleutelhangers, beeldjes en stickers, maar ook meer traditionele winkels die bijvoorbeeld slippers, haarkammen of stoffen materialen verkochten. Uiteraard viel er ook genoeg te eten. De eerste snack die ik at heet kibi-dango en laat zich lastig omschrijven. Het zijn een soort deegballetjes gespietst op een stokje (denk aan saté) en gedoopt in bloem gemaakt van sojabonen. De zoete binnenkant in combinatie met de bittere bloem aan de buitenkant maken een vreemde maar lekkere combinatie. Een andere beroemde snack die ik probeerde heet menchi-katsu. Deze gefrituurde snack is gemaakt van gemalen varkensvlees gemengd met ui, zout en peper. Na de eerste hap druipt het vet eruit, maar de warme snack was een aangename traktatie op deze koude middag. Nadat we onze snacks verorbert hadden was het tijd om via de binnenste poort hozōmon richting de hondō (hoofdtempel) te lopen. In de schitterend versierde tempel wordt op de traditionele manier gebeden, na het doneren van geld (zie mijn eerdere blog) 2x buigen, 2x klappen, wensen en 1x buigen. Na het bezoek aan de tempel besloot ik mijn lot te kiezen via een o-mikuji. Het werkt als volgt: je schud een koker en pakt daaruit een houten prikker met daarop een nummer. Vervolgens pak je een papiertje uit een vakje met het corresponderende nummer. Op het briefje staat je (on)geluk vermeld in het Japans en het Engels (wel zo makkelijk voor de buitenlandse bezoeker). Ik had helaas de pech om een bad luck briefje te pakken in tegenstelling tot mijn collega's die best luck en regular luck hadden. Ze legden me vervolgens uit dat ik het briefje om een rek moest binden, volgens de verhalen blijf het ongeluk dan aan het rek zitten in plaats van dat het jou volgt.
Nadat we alles op het tempelterrein gezien hadden en genoten hadden van een kom ijs was het tijd om naar de tweede grote bestemming van onze reis te gaan, de Tokyo Skytree. De Skytree is met 634 meter het hoogste gebouw in Japan en word gebruikt als radio en tv mast. Het was helaas erg bewolkt dus we besloten dat we het geld voor de toegangsprijs naar het observatiedeck beter konden bewaren voor een andere dag. Gelukkig staat naast de Skytree een enorm winkel/restaurant complex genaamd Solamachi, met daarin de meest uiteenlopende en vreemde winkeltjes die ik in Japan gezien heb. Zo was er een winkeltje waar ze alleen maar verschillende soorten zout verkochten. Zout voor vis, zout voor vlees, zout voor de salade. Voor elk gerecht hadden ze een speciaal zout. Een andere winkel die een vermelding verdiend is de plastic voedsel winkel. De producten hier zijn echter niet die plastic stukjes tomaat of sla die je bij een willekeurige speelgoedwinkel kan kopen, maar hoge kwaliteit showroom modellen die vaak door Japanse restaurants gebruikt worden. De gerechten die hier stonden waren werkelijk waar niet van echt te onderscheiden. Pizza's, visgerechten, sandwiches, toetjes, dranken, alles leek net vers-bereid uit een keuken te komen. In het complex was ook een verdieping ingericht door de Chiba Institute of Technology. Hier stonden verschillende robots, en werden nieuwe technieken gepresenteerd om informatie weer te geven. Ook was er een indrukwekkend 1:1 model van een robot uit een anime serie. Op de bovenste, 31ste, verdieping hadden we alsnog een mooi (en gratis) uitzicht over Tokyo.
Na het bezoek aan de Skytree waren we behoorlijk hongerig. Daarom besloten we om, voordat we naar huis zouden gaan, een sushibar te bezoeken. In deze sushibar stond de sushichef in het midden van de zaak, omringd door een lopende band. Op deze lopende band kwamen de sushi-gerechtjes achter elkaar voorbij. Één voor één pakten mijn collega's bordjes met verschillende soorten sushi van de band. Zo kreeg ik onder meer: zalm, tonijn, garnaal en gebakken ei?! Nadat we klaar waren met eten kwam de ober simpelweg het aantal lege bordjes tellen om op die manier de prijs te bepalen. Een erg grappige ervaring die echt typisch Japans is. Het was tevens het eind van een dag die, ondanks de vele regen en bewolking, erg gezellige was. Op naar het volgende uitje!
![]() |
| Kaminarimon met PhD-er Yukie. |
![]() |
| Hozomon met student Yuka. |
![]() |
| Hondo |
![]() |
| Hondo interieur |
![]() |
| Het vastbinden van mijn ongeluk. |
![]() |
| Tokyo Skytree |
![]() |
| 1:1 model van een robot uit een mecha anime. |
dinsdag 10 juni 2014
Van het allerkleinste tot het allergrootste in het Miraikan
Afgelopen zondag was het weer tijd voor een museumbezoek. Dit keer geen stoffige schilderijen of antiek aardewerk maar cutting-edge wetenschap. Het 'National Museum of Emerging Science and Innovation', kortweg Miraikan, is gelegen op het kunstmatig eiland Odaiba. Behalve het Miraikan zijn hier onder andere ook een expositiecentrum, winkels, arcadehallen en een reuzenrad te vinden. Na een korte wandeling (het Miraikan ligt iets buiten het centrale gebied van Odaiba) kwam ik aan bij het enigszins futuristisch ogende gebouw. Eenmaal binnen wordt de aandacht gelijk getrokken door de Geo-Cosmos, onderdeel van het TSUNAGARI project. Deze gigantische wereldbol bestaande uit duizenden kleine LED schermpjes laat de aarde zien met het huidige weer. Om de zoveel tijd draaien ze echter speciale info-graphics. Bijvoorbeeld over migratiepatronen van de mensheid of de locatie van bosbranden. Hoewel dit misschien saai klinkt op papier, vormen de haarscherpe beelden een prachtig gezicht.
De 1ste verdieping van het museum stond vooral in het teken van nieuwe technieken gebaseerd op de natuur of bestaande ideeën. Denk bijvoorbeeld aan verbeterde zonneschermen, 3D printers en kleurstoffen gebaseerd op genen uit vlindervleugels. Hiernaast was er veel aandacht voor robots zoals zeehondje Paro (speciaal bedoeld voor alleenstaande ouderen) en Halluc II, een robot die zowel kan rijden als 'lopen', zoals ze in een live-presentatie lieten zien.
De 2de verdieping was voor mij als medisch biotechnoloog echter het interessants omdat het hier over het genoom en de combinatie met het medisch veld ging. Een grappige display hier was de operatie-simulator. Hierbij was het de bedoeling dat je met behulp van twee joysticks, die twee tangen bestuurden, een tumor uit een patiënt verwijderde. Nadat ik wat kleine kinderen had zien aanmodderen besloot ik zelf een poging te wagen. Vastberaden dit beter te doen ging ik fanatiek van start, maar na de 1 minuut die de operatie mocht duren zat de tumor nog stevig vast op zijn plek. Maar goed dat ik geen carrière als chirurg overwogen heb.
De laatste exhibitie stond in het teken van verkennen. Zowel grote hoogtes (met uitleg over ruimtereizen, NASA, het ISS en het heelal) als eindeloze dieptes (diepzee expedities, en het effect van waterdruk).
Eenmaal thuis werd ik echter keihard in de steek gelaten door de techniek. Doordat mijn internet het niet deed staat deze blog namelijk twee dagen later dan gepland online :p
![]() |
| Het Miraikan |
![]() |
| De Geo-Cosmos |
![]() |
| Geavanceerde toiletten zijn onontbeerlijk in een 'future science' museum. |
![]() |
| Halluc II |
![]() |
| De mens teruggebracht tot zijn meest basale elementen. |
![]() |
| Bestellen we in de toekomst onze persoonlijke medicijnen gebaseerd op ons unieke genoom? |
![]() |
| Warmtecamera: Blijkbaar heb ik een koele neus. |
De laatste exhibitie stond in het teken van verkennen. Zowel grote hoogtes (met uitleg over ruimtereizen, NASA, het ISS en het heelal) als eindeloze dieptes (diepzee expedities, en het effect van waterdruk).
![]() |
| De Shinkai 6500 duikboot bereikte een diepte van... 6500m. |
![]() |
| De LE-7A raketmotor wordt gebruikt om het ISS te bevoorraden. |
zondag 1 juni 2014
De grote Boeddha en andere tempels in Kamakura
De temperaturen in Tokyo schieten vandaag boven de 30°C. Daarom ben ik extra blij met de in de trein aanwezige airco gedurende mijn 2 uur durende reis naar het koelere Kamakura. Kamakura is een oude stad met een rijke geschiedenis gelegen aan de zee, maar staat vooral bekend om de vele aanwezige boeddhistische tempels. Dat het een toeristische bestemming is valt gelijk op wanneer ik in het drukke treintje richting mijn eerste bestemming naast Japans ook Engels, Italiaans en zelfs Belgisch hoor.
Mijn eerste bestemming in Kamakura is Hase-dera. Hase-dera is een boeddhistische tempel gewijd aan de godin Kannon, die binnen het boeddhisme geassocieerd wordt met mededogen. Langs de hoofdpoort loop ik het terrein op. Links en rechts van mij, aan de voet van de berg, bevinden zich verschillende vijvertjes met daarin de onvermijdelijke karpers en goudvissen. Tussen de vijvers loopt een slingerend pad de berg op. Aan weerszijden van het pad bevinden zich, soms half verscholen tussen de struiken, beeldjes uit het boeddhisme. Bovenaan het pad, geflankeerd door kleinere tempels, ligt de hoofdtempel. In de tempel staat een ruim 9 meter hoog houten verguld beeld van Kannon. Het grote beeld van haar in de (relatief) kleine tempel, slechts verlicht door enkele kaarsen maakt grote indruk op mij. Helaas mocht ik er geen foto's maken. Buiten de tempel loopt een pad nog verder de berg op. Vanaf hier heb je een prachtig uitzicht op Kamakura en de andere toeristische trekpleister van de stad, het strand.
Het strand is echter niet mijn volgende bestemming, dat is namelijk de tempel Kotoku-in, verblijfplaats van de Grote Boeddha (Daibutsu). Dit ruim 13 meter hoge bronzen beeld van Boeddha dateert uit 1252 en stond oorspronkelijk in een overdekte tempel. Verschillende stormen in de 14e eeuw maakten echter een einde aan de tempel en er werd besloten de Boeddha in de buitenlucht te laten staan. Hoewel ik het meerdere malen geprobeerd heb, doen de foto's geen recht aan de grootsheid van één van Japans bekendste iconen.
Na een selfie te hebben genomen met Daibutsu was het tijd om richting mijn laatste bestemming te vertrekken: Tsurugaoka Hachimangu. Op het moment dat ik over de toegangsweg (Dankazura) richting deze Shinto schrijn loop begint het weer om te slaan. De zon verdwijnt en maakt plaats voor een mysterieuze mist. Langs een grote vijver en verschillende kleine tempeltjes kom ik bij de 'Maiden', een soort podium voor dans en zang. Achter de Maiden leidt een steile trap naar de hoofdtempel 'Hongu' gewijd aan Keizer Ōjin. De buitenkant van de tempel is door restauratiewerkzaamheden niet te zien en binnenin de tempel zorgen het gebrek aan licht en een metalen raster ervoor dat ik de schrijn niet goed kan zien. Desondanks is het bezoek aan deze tempel een bijzondere ervaring aangezien de locatie tussen de bergen in combinatie met de mist een mysterieuze sfeer creëren, alsof ik een andere wereld betreden ben. Op het moment dat ik richting het station loop op weg naar het warme Tokyo begint de zon weer te schijnen en verdwijnt de mist. Vreemd?!
Mijn eerste bestemming in Kamakura is Hase-dera. Hase-dera is een boeddhistische tempel gewijd aan de godin Kannon, die binnen het boeddhisme geassocieerd wordt met mededogen. Langs de hoofdpoort loop ik het terrein op. Links en rechts van mij, aan de voet van de berg, bevinden zich verschillende vijvertjes met daarin de onvermijdelijke karpers en goudvissen. Tussen de vijvers loopt een slingerend pad de berg op. Aan weerszijden van het pad bevinden zich, soms half verscholen tussen de struiken, beeldjes uit het boeddhisme. Bovenaan het pad, geflankeerd door kleinere tempels, ligt de hoofdtempel. In de tempel staat een ruim 9 meter hoog houten verguld beeld van Kannon. Het grote beeld van haar in de (relatief) kleine tempel, slechts verlicht door enkele kaarsen maakt grote indruk op mij. Helaas mocht ik er geen foto's maken. Buiten de tempel loopt een pad nog verder de berg op. Vanaf hier heb je een prachtig uitzicht op Kamakura en de andere toeristische trekpleister van de stad, het strand.
![]() |
| Hoofdpoort |
![]() |
| Ingang naar een grot met boeddhistische beeldjes van o.a. de zeegodin Benzaiten. |
![]() |
| Nee, dat is geen nazisymbool, maar het boeddhistische symbool voor eeuwigheid. |
![]() |
| De hoofdtempel met daarin het beeld van Kannon. |
![]() |
| Uitzicht op Kamakura. |
Na een selfie te hebben genomen met Daibutsu was het tijd om richting mijn laatste bestemming te vertrekken: Tsurugaoka Hachimangu. Op het moment dat ik over de toegangsweg (Dankazura) richting deze Shinto schrijn loop begint het weer om te slaan. De zon verdwijnt en maakt plaats voor een mysterieuze mist. Langs een grote vijver en verschillende kleine tempeltjes kom ik bij de 'Maiden', een soort podium voor dans en zang. Achter de Maiden leidt een steile trap naar de hoofdtempel 'Hongu' gewijd aan Keizer Ōjin. De buitenkant van de tempel is door restauratiewerkzaamheden niet te zien en binnenin de tempel zorgen het gebrek aan licht en een metalen raster ervoor dat ik de schrijn niet goed kan zien. Desondanks is het bezoek aan deze tempel een bijzondere ervaring aangezien de locatie tussen de bergen in combinatie met de mist een mysterieuze sfeer creëren, alsof ik een andere wereld betreden ben. Op het moment dat ik richting het station loop op weg naar het warme Tokyo begint de zon weer te schijnen en verdwijnt de mist. Vreemd?!
![]() |
| Dankazura richting Tsurugaoka Hachimangu |
![]() |
| Torii poort |
![]() |
| Maiden, een podium voor zang en dans. |
![]() |
| Links de Hongu hoofdtempel, rechts de Maiden. |
Abonneren op:
Reacties (Atom)






































































