zaterdag 12 april 2014

Tempels, tuinen en textiel: van Meiji tot Harajuku

Aangezien ik vorig weekend druk op zoek was naar bloeiende sakura bomen, liet ik de Meiji tempel links liggen. Vandaag ging ik daarom terug om de tempel eens van dichtbij te bekijken.
De Meiji tempel werd in de jaren 20 van de vorige eeuw gebouwd ter nagedachtenis aan keizer Meiji en zijn vrouw keizerin Shōken voor de rol die ze speelden tijdens de zogenaamde Meiji-restauratie. Tijdens deze periode van industrialisatie veranderde Japan van een verdeeld land geregeerd door krijgsadel in een modern 'Westers' land verenigd onder de keizer. Tijdens de 2e wereldoorlog werd de tempel kapot gebombardeerd maar in 1958 werd de gerestaureerde tempel weer geopend. Het pad naar de tempel begint bij een 'torii', of poort, die de mensenwereld scheidt van de godenwereld.


Nadat ik onder de poort ben doorgelopen kom ik bij een 'temizuya'. Dit is een soort waterbassin waar je je moet wassen voordat je de tempel betreed. Dat wassen gaat wel op een speciale manier. Met de grote houten lepel was je eerst je linker hand, vervolgens was je je rechter hand en tenslotte neem je wat water in je hand waarmee je je mond uitspoelt. 


Eenmaal gewassen kan ik het tempelcomplex betreden. Nadat ik onder de grote houten ingang ben doorgelopen kom ik aan op het plein voor de hoofdtempel. De meeste mensen komen naar deze tempel om te wensen voor geluk, bijvoorbeeld voor een tentamen. Ze doen dit door het schenken van ¥5 gevolgd door hun gebed. 5 (go) ¥ (en), goen (ご縁) betekend namelijk ook geluk. Naast de tempel staat een houten constructie waaraan een enorme hoeveelheid houten plankjes hangt. Op deze houten plankjes, 'ema' in het Japans, schrijven mensen hun wensen in de hoop dat deze uitkomen. Als ik de tempel wil verlaten wordt mijn aandacht getrokken door een stoet met mensen in traditionele kleding. Aan de gelukkige man en vrouw vooraan de stoet te zien is het een trouwerij. Helaas zag ik het te laat waardoor ik er geen foto's van heb.




Buiten het tempelcomplex staan twee enorme stellages met vaten. Aan de ene kant sake vaten, geschonken door sake brouwers uit heel Japan, en aan de andere kant vaten wijn, geschonken door chateaus uit heel Frankrijk (de keizer was namelijk een groot wijnliefhebber). 



Nadat ik de tempel heb bezocht besluit ik een kijkje te nemen in de binnentuinen. Hoewel deze al uit de 16e eeuw stammen en eigendom waren van Katō Kiyomasa is het grootste gedeelte aangelegd door keizer Meiji voor zijn vrouw keizerin Shōken zodat zij hier kon ontspannen. Zo is er een theehuis en een vijver waar Koi karpers zwemmen. Verder zijn er rijstvelden en is er de Kiyomasa waterbron.










Na de binnentuinen is het tijd voor iets compleet anders. Ik begin langzamerhand trek te krijgen en besluit daarom een dubbele espresso en chocolade parfait te gaan eten in de wijk Harajuku. Harajuku staat bekend als het modecentrum van Japan. Er zitten dan ook veel internationaal bekende kledingwinkels zoals 'Forever 21' en 'Zara'. Daarnaast zitten er echter ook veel winkeltjes die de meer typische Japanse stijlen verkopen als Lolita en Visual kei.


In een dure wijk ook dure auto's.
En ja, als je dan toch in het modecentrum bent ontkom je er niet aan om zelf ook iets te kopen. Nou heb ik persoonlijk niet zoveel met schattige jurkjes of designer fashion maar mijn pettenverzameling kan altijd uitbreiding gebruiken. Daarom bij hoge uitzondering een selfie om af te sluiten ;)



zondag 6 april 2014

Kersenbloesem

Het is iets frisser dan verwacht, maar gelukkig schijnt te zon wanneer ik zaterdagmiddag richting het Kunitachi station loop. Ik ben op weg naar Yoyogi park om daar naar de bloeiende Sakura bomen te gaan kijken. De Sakura, kersenbloesem in het Nederlands, is een bloem die aan verschillende bomen van het geslacht Prunus groeit. De bloem staat symbool voor de vergankelijke schoonheid, aangezien hij maar heel kortstondig bloeit, en is overal in de Japanse cultuur terug te vinden. Na de vele buien van afgelopen week hoop ik dat er nog wat bloesem te zien is. Ik stap het Harajuku station uit en loop Yoyogi park in waar ik een breed grindpad volg dat aan weerszijden geflankeerd wordt door hoge loofbomen. Nadat ik onder een torii poort ben doorgelopen blijkt de weg te leiden naar de Meiji tempel. Hoewel ik deze tempel graag wil zien heb ik maar beperkte tijd tot het donker word en daarom besluit ik mijn weg te vervolgen.



Na een tijd rond te hebben gedoold tussen de hoge bomen kom ik aan bij een groot grasveld waar een aantal mensen op kleedjes zit, bij kale bomen. Zou ik dan toch te laat zijn? Zou de bloesem al gevallen zijn?


Nadat ik wat verder rondgekeken heb besluit ik terug te lopen naar de ingang van het park. Hier zie ik een enorme mensenmassa de hoek om lopen. Benieuwd of deze mensen misschien ook op zoek zijn naar Sakura besluit ik aan te sluiten in de file. Mijn intuïtie blijkt juist, en wat ik om de hoek zie doet mijn mond bijna open vallen. Het lijkt wel of heel Tokyo naar dit park is gekomen voor Hanami, oftewel, bloem kijken. Voor deze traditie die al uit de achtste eeuw stamt verzamelen mensen zich op kleedjes onder de Sakura om daar te genieten van de bloesem, en de alcohol. Het hele gebeuren doet mij denken aan een mengeling van Koninginnedag en Bevrijdingsdag. Overal schalt muziek uit speakers, er word gesport, gedanst en gefeest. Lange rijen hopen zich op voor de enkele toiletten die het park rijk is terwijl een bonte stoet aan voorbijgangers over de paden paradeert. Jongens met Final Fantasy-achtig piekhaar, meisjes met kleine rokjes en nog kleinere hondjes, toeristen, iedereen is op dit spektakel afgekomen.





Na nog wat verder te hebben rondgelopen en enkele foto's te hebben gemaakt besluit ik huiswaarts te keren, nog steeds verbaasd over het massale gebeuren, met de melodie van het traditionele liedje Sakura in mijn hoofd.


zaterdag 5 april 2014

En dan zullen we drinken

Op 4 april ging ik voor het eerst kennis maken met mijn nieuwe werkplek. Het National Institute for Infectious Diseases. We hadden afgesproken dat een aantal mensen van het instituut mij kwamen ophalen bij het dichtstbijzijnde metrostation: Waseda Station. Iets voor de afgesproken tijd arriveerde ik op het station. Na een paar minuten kwam een jonge vrouw voorzichtig naar mij toegelopen. Ze keek beurtelings naar het A4tje wat ze vasthield en mijn gezicht. Tenslotte vroeg ze twijfelachtig "mr. mr. Braak?". Ik bevestigde dat ik inderdaad mr. van den Braak was en samen liepen we richting de uitgang van het station waar even later een man, ook van het instituut, ons vergezelde. "We gaan straks lunchen bij het instituut, maar misschien is dat niet naar je smaak. Hier zitten verschillende winkels als je wat wil halen." drongen ze beide aan. Mijn oog viel al snel op een Subway. Met enige vertaalhulp van de man en vrouw liep ik even later de zaak uit met een broodje geroosterde kip in honing/mosterd saus. We vervolgde onze weg naar het instituut dat op ongeveer 8 minuten loopafstand van het station lag. Eenmaal daar aangekomen, en na het regelen van een tijdelijk toegangspasje, kon ik worden voorgesteld aan de afdeling Neurovirology. Hier bleek al snel dat mijn naam niet de makkelijkste is, aangezien Japanners de 'wou' klank niet kennen. Ook mijn achternaam en de stad Wageningen bleken enige moeite te kosten. Niet veel later werd ik uitgebreid welkom geheten door de directeur van het Department of Virology, Masayuki Saijo. Geïnteresseerd vroeg hij naar het schoolsysteem in Nederland, en mijn keuze voor Japan. Hij beloofde mij dat ze er alles aan zouden doen om me hier net zou thuis te laten voelen als in een Nederlands lab. Inmiddels was het tijd geworden voor de lunch, dus met mijn Subway broodje en beker cola liep ik met de rest naar de kantine. Voordat je in Japan begint met het eten van een maaltijd is het de bedoeling dat je 'Itadakimasu' zegt. Letterlijk vertaald betekend dit woord zoiets als: wij ontvangen deze maaltijd nederig. In het dagelijks leven is het echter beter vergelijkbaar met: eet smakelijk! Echter het niet zeggen van dit woord word als extreem onbeleefd gezien. Groot was dan ook hun verbazing toen ik direct de 1ste keer met hun mee 'Itadakimasu' zei. Dit is namelijk iets wat de meeste buitenlanders in het begin nog niet weten. 
Na de lunch begon een congres over Rabiës. Hiervoor waren alle belangrijke Japanse onderzoekers van dit virus naar Tokyo gekomen. Omdat Rabiës niet endemisch is, dat wil zeggen dat het virus niet standaard voorkomt in het land, waren dit maar 20 a 30 mensen. Mijn hele middag van 1 tot 6 uur was dus gevuld met het luisteren naar Japanse presentaties over Rabiës. Gelukkig waren enkele powerpoint presentaties in het Engels geschreven waardoor ik in ieder geval een beetje een indruk kreeg van waar het over ging. Overigens beloofde Dr. Saijo mij dat alle presentaties binnen het instituut, zoals werkbespreking, speciaal voor mij zoveel mogelijk in het Engels zouden worden gedaan.
Na de presentaties werd ik uitgenodigd om deel te nemen aan wat zij de 'drinking party' noemde. Met de groep van de 20-30 wetenschappers begaven we ons in de drukke Tokyose metro, op weg naar de 'Izakaya' waar we gingen eten. Een Izakaya is een traditioneel Japans restaurant. Om te beginnen moest iedereen zijn/haar schoenen uitdoen, waarna we plaatsnamen aan lage tafels. Vervolgens kregen we een schaal met diverse appetizers waaronder garnalen, ei en een soort van slak. Dat laatste zag er verschrikkelijk smerig uit maar smaakte verbazingwekkend goed. Als hoofdgerecht aten we een soort stoofpot van kip, die we zelf op onze tafel bereidde. Dit alles werd vergezeld van grootte hoeveelheden bier en sake. Sake is een alcoholische drank gemaakt van rijst, en qua alcoholpercentage gelijk aan wijn. Tijdens het dineer ontmoette ik ook mijn begeleider Dr. Lim, die zich meteen verontschuldigde voor het feit dat hij dronken was. De rest van de avond werd gevuld met gesprekken over de Nederlandse en Japanse cultuurverschillen. Voordat we weggingen werd mij meegedeeld dat ze ook al bezig waren om een feest speciaal voor mij te organiseren...met karaoke. Dat belooft wat!

woensdag 2 april 2014

Vlucht en een nieuwe kamer

31 Maart 2014 was het dan zover, de dag dat ik naar Tokyo vloog. Na het afscheid van pap en mam op Schiphol begon het lange wachten tot het moment dat we mochten boarden. Aan boord van het vliegtuig bleek dat ik naast een Japans jongetje (8-9 jaar) en zijn moeder zat. Visioenen van een reis vol geschreeuw en gekloot drongen zich aan me op. Na enkele uren rustig op zijn DS te hebben gespeeld viel het kereltje echter in slaap, en aangezien er ook weinig turbulentie was had ik toch een aangename reis. Het eerste wat ik van Japan te zien kreeg waren de prachtige Japanse Alpen.
Nadat ik bij immigratie mijn 'residence card' had gekregen en mijn tas had opgehaald vertrok ik per 'Limousine Bus' naar Tokyo. Hoewel deze bus alles behalve een limousine was, was de reis toch aangenaam en kreeg ik direct al een mooi overzicht van de verschillende kanten van Japan. Aan de ene kant gigantische bergen en dalen met pittoreske boerderijtjes en bloeiende Sakura bomen en aan de andere kant het hectische volgepakte stadsleven. Eenmaal aangekomen bij Shinjuku Station (het drukste treinstation ter wereld met 3.6 miljoen mensen per dag) vond ik vrij eenvoudig de weg naar de makelaar waar ik mijn kamer huur. Na het ondertekenen van een hele rits aan verklaring kreeg ik uitleg over het ingewikkelde vuilnis sorteer systeem. Ik snap het nog steeds niet helemaal, maar het lijkt met gekleurde zakken te werken. Na de huur te hebben betaald en mijn sleutel in ontvangst te hebben genomen kon ik terug naar het eerder genoemde Shinjuku Station om de reis naar mijn kamer te vervolgen. Ik had op internet gelezen dat je voor het OV in Tokyo prepaid cards kon gebruiken. Aangezien mij dit een makkelijk systeem leek stapte ik de eerste de beste kiosk binnen en vroeg om zo'n kaart. De vrouw keek mij vragend aan en al gauw snapte ik dat ze geen Engels verstond. Aangezien mijn Japans nog niet al te best is besloot ik het te gaan vragen bij een geldwissel kantoor. Het meisje hier verwees mij door naar een ander loket waar het mij uiteindelijk lukte om een pas te bemachtigen. De reis verliep verder vlot aangezien ik een gedetailleerde beschrijving had gekregen van de makelaar om bij mijn kamer te komen. Nadat ik mijn 20kg zware tas de heuvelachtige weggetjes had opgesjouwd kwam ik dan, na een reis van ruim 16 uur, aan bij mijn kamer. De kamer is niet groot, maar ruim genoeg om 4 maanden door te brengen. Er zit een keukentje in met gasstel, magnetron en oventje. De badkamer heeft (uiteraard) een toilet, douche en mini-bad. Verder staat er een tv, airco en zelfs een wasmachine.
De dag eindigde echter in mineur. De jetlag in combinatie met een tekort aan eten en drinken zorgde ervoor dat ik ziek naar bed ging. Gelukkig ben ik na een nachtje goed slapen weer herstelt en hoop ik jullie binnenkort weer nieuwe verhalen te kunnen vertellen.